Naar de inhoud
Deze website is onderdeel van beroepsvereniging V&VN Onderdeel van beroepsvereniging V&VN

In opstand!

VVIO

Eind jaren tachtig was voor de verpleegkunde een periode van bezuinigingen, hoge werkdruk, lage lonen en een gebrek aan erkenning vanuit de politiek en de eigen vakorganisaties. Op 18 november 1988 plaatste verpleegkundige Gaby Breuer een advertentie in de Volkskrant met de woorden: “Agenten verdienen weinig, verpleegkundigen nog minder. De tijd is rijp voor actie.” De ontevredenheid groeide en leidde in 1989 tot grootschalige acties van verpleegkundigen en verzorgenden, beter bekend als de ‘Witte Woede’. Niet alleen in Nederland hadden verpleegkundigen het overigens zwaar. In heel Europa barste de Witte Woede los. Drijvende kracht was  actiegroep VVIO (verpleegkundigen en verzorgenden in opstand). Met de oprichting van VVIO in 1989 schreven verpleegkundigen geschiedenis.

Schreeuw om erkenning

Rond de 60.000 verpleegkundigen gingen de straat op en lieten luidkeels van zich horen. Het was de grootste protestmars van verpleegkundigen en verzorgenden tot dan toe. Deze schreeuw om erkenning bleef niet onopgemerkt. Politici hadden de klacht gehoord en ondernamen stappen op het gebied van arbeidsomstandigheden, onderwijs en positionering van het beroep. Ook volgde een bescheiden salarisverhoging. In 1991 bundelde actiegroep VVIO zijn krachten met de Nederlandse Maatschappij voor Verpleegkunde. Het resultaat was een nieuwe beroepsorganisatie met de naam: Nieuwe Unie ’91, ofwel NU’91.

Verpleegkundigen als veranderaars

De Witte Woede was de grootste protestactie van verpleegkundigen en verzorgenden ooit, maar niet de eerste. Door de vergrijzing, veel openstaande vacatures en bezuinigen bevond de zorg zich in de jaren zeventig ook in een benarde positie. Zowel de kruisverenigingen als de gezinszorg kwamen in opstand tegen de bezuinigingen. Op de Dag van de Verpleging in 1982 bijvoorbeeld, liepen in heel Nederland duizenden verpleegkundigen op straat te protesteren. Belangenvereniging Het Beterschap gaf opdracht om zwartboeken te schrijven met ervaringen uit de praktijk. Uiteindelijk publiceerde ze een boek met 1.500 pagina’s vol klachten en aanbevelingen voor de overheid.