Verpleegstersromans
Met de groeiende behoefte aan opgeleide verpleegsters begint vanaf 1920 ook de promotie van het beroep. Voor oudere meisjes lag er een toekomst in het verschiet als verpleegster. Een van de manieren om het beroep onder de aandacht te brengen was de verpleegstersroman. De kleurige boekjes met romantische en vaak ook realistische inhoud gingen als zoete broodjes over de toonbank. Meisjes lazen deze boekjes met rode oortjes en waarschijnlijk kozen een aantal van hen op basis daarvan voor het beroep.
Verpleegstersromans
Lange tijd was het ongebruikelijk dat meisjes doorleerden of gingen werken. Pas aan het einde van de 19e eeuw eisen vrouwen dat ze dezelfde rechten krijgen als mannen. Auteurs van meisjesboeken beginnen, onder invloed van deze eerste feministische golf, over meisjes te schrijven die gaan studeren of werken. Vooral in de jaren dertig (de crisisjaren) verschijnen er nogal wat meisjesboeken waarin de hoofdpersonen moeten aanpakken en geld moeten verdienen. Ze werken o.a. op kantoor, in het onderwijs, in de journalistiek, als kinderverzorgster, als arts en als verpleegster. De hoofdpersoon stopt meestal met werken als ze trouwt.
De in dit dossier opgenomen meisjesboeken over leerling-verpleegsters worden ook wel beroepsboeken genoemd. Dat betekent dat de auteur niet alleen een spannend en/of romantisch verhaal schrijft, maar eveneens laat zien wat het verpleegstersvak precies inhoudt. Allerlei onderwerpen passeren de revue. Denk daarbij aan wonen in het zusterhuis, de eerste dagen op de verpleegafdeling, de blunders die de meisjes begaan, het overlijden van patiënten, de confrontatie met strenge hoofdzusters en autoritaire artsen, de omgang met patiënten en de eisen waaraan leerling-verpleegsters moeten voldoen. Een aantal boeken van deze boeken is geschreven door verpleegsters.
Hieronder vind je een aantal voorbeelden van dit soort boekjes. Klik om de omslag voor een inkijkje in onze bijzondere collectie ‘verpleegstersromans’.
Over meisjesboeken
Verpleegkundige (n.p.) Ellen Boonstra verzamelt al jarenlang verpleegstersromans en doet onderzoek naar de rol van de leerling in deze populaire meisjesboeken. Zij besloot de resultaten te publiceren in de glossy ‘Nu ben ik verpleegster’. Deze tentoonstelling is een verkorte weergave hiervan.
Over meisjesboeken
Lange tijd was het ongebruikelijk dat meisjes doorleerden of gingen werken. Pas aan het einde van de 19e eeuw eisen vrouwen dat ze dezelfde rechten krijgen als mannen. Auteurs van meisjesboeken beginnen, onder invloed van deze eerste feministische golf, over meisjes te schrijven die gaan studeren of werken. Vooral in de jaren ’30 (de crisisjaren) verschijnen er nogal wat meisjesboeken waarin de hoofdpersonen moeten aanpakken en geld moeten verdienen. Ze werken o.a. op kantoor, in het onderwijs, in de journalistiek, als kinderverzorgster, als arts en als verpleegster. De hoofdpersoon stopt meestal met werken als ze trouwt.
Strenge hoofdzusters
Meisjesboeken! Ik las, nee ik verslond ze in mijn tienerjaren. Het liefst las ik meisjesboeken over de verpleging, want dat ik verpleegster wilde worden, wist ik al lang. Blijkbaar gaf de inhoud van die boeken me een realistische kijk op de werkelijkheid van het verpleegstersvak, want ik vond het helemaal niet raar toen op de eerste werkdag een potige hoofdzuster me de zusterpost uitbonjourde. Ik mocht de overdracht van de nachtdienst niet meemaken. Daar stond ik dan te wachten op de gang totdat diezelfde hoofdzuster me de afdelingskeuken injoeg en aan de afwas zette. Strenge hoofdzusters en huishoudelijk werk. In meisjesboeken had ik daar al veel over gelezen.
De verzameling
Mijn meisjesboeken, met titels als zuster Anneke, zuster Gon en zuster Juuls troostprijs, verhuisden van het tomadorekje thuis naar de twee muisgrijze houten boekenplanken aan de muur van mijn kamer in het zusterhuis. De afgelopen 25 jaar struinde ik boekenmarkten en later het internet af om mijn verzameling aan te vullen. Die verzamelwoede moest ooit leiden tot een artikel over de inhoud van die boeken, maar er gebeurde altijd wel iets wat me afhield om aan de slag te gaan.
Het Eureka-moment
Toen ik een jaar geleden de wervingsfolder terugvond die ik in 1972 kreeg bij mijn sollicitatie naar een opleidingsplaats in het Vlaardingse Holy Ziekenhuis, wist ik opeens hoe ik het aan moest pakken. Hé, dacht ik, toen ik deze folder met de titel ‘Het Dagboek van Lea, de leerling-verpleegster’ doorlas. Lea roert onderwerpen aan die ook in de meisjesboeken voorkomen. Dat bleek het Eureka-moment. Ik maakte een stuk of twaalf tabellen aan, voor elk onderwerp één, (denk daarbij aan de eerste nachtdienst, de confrontatie met de dood van patiënten etc.) en herlas de negentien boeken, maar nu met een potlood in de hand. Kwam ik één van de onderwerpen tegen, dan zette ik een potloodstreepje naast de tekst en die typte ik dan weer over in de juiste tabel. Zo was het opeens heel gemakkelijk om de teksten uit de meisjesboeken over een bepaald onderwerp met elkaar te vergelijken.
Concentratie en discipline
Eindelijk kon ik geconcentreerd en gedisciplineerd aan de slag. Want zonder dat lukt het me niet om iets zinnigs te schrijven. Wat een geluk dat die eigenschappen er in mijn leerlingentijd zijn ‘ingeramd’. Na een vergeefse poging om mijn artikel te slijten aan een uitgever, besloot ik het in eigen beheer uit te geven. Onze zoon installeerde InDesign op de computer en downloadde een online cursus. Al snel had ik de smaak van het opmaken te pakken. Toen moest alleen de omslag nog. Onze dochter, net succesvol afgeslankt bij de Weight Watchers, zat het keizerslinnen als gegoten. Zuster Iet stak uit de schortzak en de gele muur in onze slaapkamer deed de rest. Klik, daar was de omslag. Klaar, eindelijk af. Mijn man werd mijn enige crowdfunder en het resultaat mailde ik naar de drukker. Een paar dagen later leverde de aardige bezorger van PostNL de doos af met zeventig exemplaren. Blij en tevreden ben ik over het resultaat. ‘Nu ben ik verpleegster’ is met liefde gemaakt en brengt een ode aan al die meisjes en jongens die voor de verpleging kozen en kiezen.
Verder lezen over (leerling-) verpleegsters in meisjesboeken
Arbor, Jane, Wijkzuster Jenny (1961)
Austveg, Inger & Nissen-Drejer, Ruth, Zuster Gon (serie van vier deeltjes) (1960…)
Boelkens, Cato M., Zuster Ada (193?)
Boylston, Helen Dore, Sue Barton (serie van vijf deeltjes) (1967-1968)
Deming, Dorothy R.N., Penny (serie van drie deeltjes) (1948-1950)
Doodewaard-Godschalk, R.W., Beroepsfilm (1932)
Erling, Chinny, Domme dwaze Hanny (1957)
Feenstra, Fenna, Maar die vlag verlaten…nooit! (1946)
Franken, Nannie, Zuster Nonnie (1938)
Gast, Lise, Ook jij wordt eenmaal zeventien (1965)
Gast, Lise, Verpleegstersomnibus (Het doktershuis; Leerling-verpleegster; De juiste diagnose) (1981)
Groot-Canté, Hans de, Kraamverpleegster Barbara (serie van vijf deeltjes) (1989…)
Groot-Canté, Hans, Zuster Britta (serie van tweeëntwintig deeltjes) (1968…)
Harris, Kathleen, Inge Berg serie (trilogie) (1962…)
Hartekamp, Hans, Lastige Lotje (1967)
Hedberg, Sonja, Zuster Zonneschijn (1936)
Hemert, Len van, Als een lamp op een windstille plaats (1962)
Hers, Anna, Teus ziet het spoor (1939)
Hille-Gaerthé, C.M., Achtergrond (1931)
Jong, Anja de, Yolande als verpleegster (?)
Jongejan-de Groot, C.Th., Kapoentje (1957)
Jongejan-de Groot, C.Th., Kapoentjes kinderen (1958)
Jongejan-de Groot, C.Th., Verpleegster op zijweg (1974)
Kaptein, Adri, Zuster Hester van Rhijn (1958)
Kapitein, M., Floortje (1958)
Koster, Joop, Op den Tweesprong (1938)
Lemmens, Chantal. Zuster, ik vertrouw je (1981)
Lemmens, Chantal, Puinruimen en opnieuw beginnen (1983)
Lokhorst, Emmy van, Onwankelbaar (1946)
Loon, Sandra van, Zuster Margriet (serie van twaalf deeltjes) (1983…)
Mees, Sandra, In de smidse van het leven (1946)
Mets, Willem Tz., Zuster Bertha (1921)
Montgomerie, H.L., Zuster Caty van zaal zeven (1941)
Münching, Annetje van, Zuster Ankie (196?)
Nachenius-Roegholt, A.M., Dichtbij ligt het geluk (1946)
Nijland, Do, Mieke in de verpleging (196?)
Peters, Karin, Zuster Jetty (serie van acht deeltjes) (1980…)
Roode, Willy van, Zuster Karin en de liefde (197?)
Ruessink, Anja, Marijke wordt verpleegster (196?)
Saxegaard, Annik, Zuster Rita (1951)
Schieker-Ebe, Sofie, Kathinka’s inzet (1932)
Servaes, Anke, Knolletje (1927)
Servaes, Anke, Zuster Iet (1949)
Servaes, Anke, Kinderzaal (5e druk, 1937)
Servaes, Anke, Bezoekuur (1935)
Servaes, Anke, Spreekuur (1935)
Somerset, May, De vliegende verpleegster (1960)
Steen-Pijpers, Co van der, Ik wil niet alleen zijn (2de druk 1980)
Surink-Groen, Annie, Kamer 4 (1968)
Verschoor, Len, De blauwtjes zwermen uit (1951)
Zee, Nel van der, Dokters huilen niet (1977)
Zee, Nel van der, Haar eerste patiënt (1962)
Zee, Nel van der, Paviljoen III (196?)
Zee, Nel van der, Zuster Juul (serie van 3 deeltjes) (1963…)
Zuster Sonja, Ik ging de wijk in (1939)
Zuster Sonja, Waar geleden en gelachen wordt (1931)
Dit dossier is een verkorte weergave van een onderzoek naar leerling-verpleegsters in meisjesboeken. Het volledige onderzoek is in eigen beheer uitgegeven met de titel “Nu ben ik verpleegster” Leerling-verpleegsters in meisjesboeken. De glossy telt 68 pagina’s (met illustraties en bronvermelding). De auteur is Ellen Boonstra-de Jong. De uitgave kun je bestellen door te mailen naar ellen@warande30k.nl en kost € 10,- (exclusief verzendkosten).